Hottentottenvilla (Villa hottentotta)

Hottentotenvilla! Ja hoor, u leest het goed: da’s écht de naam van deze wollig uitziende vlieg. Het is dus géén bij, hoewel het beestje z’n best doet daar wat op te lijken. Dat uiterlijk is namelijk handig om predatoren af te schrikken, want steken kan ie niet.

De Hottentottenvilla is een wolzwever, een familie van vliegen waarvan de larven parasiteren op andere insecten, bijvoorbeeld zandbijen. Dit gaat op een bijzondere wijze in z’n werk: het vrouwtje heeft een ‘zandkamer’ in de onderzijde van haar achterlijf, een soort structuur waarin ze zand en stof kan verzamelen. Dit doet ze door met de punt van haar achterlijf in los zand te wrijven. Met dit zand worden de eitjes verzwaard, die vervolgens vliegend, met een korte slingerbeweging van het achterlijf, worden afgeschoten in het holletje van de zandbij. Wanneer de larven uitkomen doen ze zich eerst tegoed aan het voedsel voor de bijenlarven, en vervolgens aan de bijenlarven zelf.

De ‘villa’s’ zijn een geslacht uit deze familie en zij hebben een gelijkaardig ‘verbond’ met bepaalde nachtvlinders. Bij de tottentottenvilla zijn dat uiltjes. Ze gaan op soortgelijke manier te werk: de vrouwtjes schieten hun met zand verzwaarde eitjes al vliegend boven de vegetatie af. Rupsen eten de eitjes die aan de vegetatie kleven op. Vervolgens ontwikkelt zich de larve van de villa in de rups.

De hottentottenvilla wordt, op een oude waarneming uit de negentiende eeuw na, pas in Nederland waargenomen sinds eind van de jaren 1990, en nog maar recent in Zeeland.
Deze soort lijkt sterk op de duinvilla, maar zoals z’n naam al doet vermoeden, wordt die hoofdzakelijk in duingebieden waargenomen.

De volwassen exemplaren van deze vliegen eten stuifmeel en bloemennectar, die ze met hun lange snuit opzuigen. Ze landen niet op de bloem, maar blijven er vóór zweven, zich daarbij in balans houdend met de voorpoten. Daar dankt deze familie ook zijn naam aan.